Windturbines worden vaak gepresenteerd als “groene energie”, maar de impact op natuur en dieren is allesbehalve verwaarloosbaar.

Uit diverse studies blijkt dat vogels regelmatig slachtoffer worden van botsingen met windturbines. Vooral grote turbines vormen een risico, omdat hun wieken zich bevinden op hoogtes waar veel vogelsoorten vliegen. Bij turbines van 240 tot 260 meter wordt dit effect versterkt.

Trekvogels, roofvogels en weidevogels lopen risico. In een poldergebied, waar open ruimte juist essentieel is voor deze soorten, kan dit grote gevolgen hebben.

Daarnaast is er verstoring van leefgebieden. Dieren vermijden gebieden met constante beweging, geluid en slagschaduw. Dit betekent dat habitat effectief verloren gaat, zelfs zonder directe sterfte.

Voor vleermuizen is het probleem nog schrijnender. Onderzoek toont aan dat zij kunnen sterven door drukverschillen rond de wieken, zonder dat er sprake is van een botsing. Dit maakt windturbines tot een verborgen bedreiging voor deze beschermde diersoort. Juist in deze polders wonen nu veel vleermuizen, de komst van de molens zet hun leefgebied onder druk.

Het idee dat windenergie automatisch “natuurvriendelijk” is, verdient daarom kritische nuance. Duurzaamheid gaat niet alleen over energie, maar ook over biodiversiteit.

Categorieën: Leefomgeving

0 reacties

Geef een reactie

Avatar plaatshouder

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Maak bij Mijndomein je gratis WordPress site